Net begonnen met dragen? Deze praktische tips maken het meteen een stuk makkelijker en fijner — voor jou en je kindje.
1. Oefen eerst zonder baby
Doe de draagzak of doek een paar keer om met een knuffel of pop. Zo krijg je de volgorde in je vingers zonder druk. Daarna voelt het met je baby veel vertrouwder.
2. Stel samen één keer goed in
Draag je samen met je partner? Stel de draagzak dan in op de persoon die het meest draagt, en onthoud hoe je snel verstelt voor de ander. Een model dat makkelijk mee verstelt scheelt veel gedoe.
3. Check de houding telkens even
Maak er een gewoonte van: vrije luchtweg, M-positie, hoog en dicht. Een korte check voor je de deur uitgaat, geeft rust. Zie onze veiligheidsrichtlijnen.
4. Kleed slim aan
Eén laagje minder voor je baby (jouw warmte telt mee) en luchtige kleding voor jezelf. In de winter doe je een jas of speciale draagcover óver de draagzak, niet eronder.
5. Kies de juiste draagzak
De fijnste tip is misschien wel deze: een draagzak die past bij de leeftijd van je kindje en lekker zit, maakt alles makkelijker. Twijfel je? Begin bij de koopgids of bekijk de beste draagzakken.
Twijfel je over de houding of merk je iets bijzonders aan je kindje? Vraag het je consultatiebureau of een kinderfysiotherapeut — zij kijken graag met je mee.
Liever een doek? Lees draagdoek knopen.
